Jean Kesler, zijn vrouw Anna Kesler (geboren Sulim) en hun dochter Hélène vormden een joods gezin uit Roemenië en Frankrijk dat in Le Mans woonde. Jean werd in 1893 geboren in Pastraveni, Roemenië, en werkte als schilder en marktkoopman; Anna werd in 1896 geboren in Falticeni, Roemenië. Ze woonden sinds 1920 in Frankrijk en hadden twee dochters, Rosa en Hélène. Tijdens de bezetting werden ze als joden geregistreerd, in de gaten gehouden en gedwongen de gele ster te dragen. Jean en Anna werden op 16 juli 1942 samen in Le Mans gearresteerd, geïnterneerd in Mulsanne en vervolgens in Angers, en op 20 juli 1942 met transport 8 naar Auschwitz gedeporteerd. Anna werd op 25 juli 1942 dood verklaard; Jean werd daar op 18 september 1942 vermoord. Hélène, geboren in Le Mans in 1924, werd na de arrestatie van haar ouders opgevangen door de familie Zingher. Ze werd op 8–9 oktober 1942 gearresteerd, naar Mulsanne en Drancy gestuurd en vervolgens op 6 november 1942 met transport 42 naar Auschwitz gedeporteerd. Ze werd op 11 november 1942, op 18-jarige leeftijd, dood verklaard.