Jacques Eggermontstraat 59
Gent - Gand - Ghent
Grootvader, dat was Louis Vits (1891-1942). Net als zijn vader en grootvader was hij schaliedekker in Ledeberg. Onderhoud en herstelling van grote daken, zoals van fabrieken en kerken, was zijn specialiteit. In 1914 trok Vits als vrijwilliger naar de loopgraven aan de IJzer. Hij huwde in 1919 maar bleef tot 1921 in het Belgische leger, in een eenheid die een stukje Duitsland bezet hield.
De lange oorlogsjaren zorgden ervoor dat Vits zijn leven lang anti-Duits en pro-Belgisch was. Tussen de twee wereldoorlogen was hij erg actief in het Ledebergse gemeenschapsleven. Zo zetelde hij lange tijd als gemeenteraadslid voor de Katholieke Partij in de toen nog onafhankelijke gemeente. Toen de oorlog uitbrak, in 1940, was hij bijna 49 jaar.
Vits bleef zich wel inzetten voor het vaderland, en vooral voor de Belgische bevolking. Hij ging bij de Burgerlijke Beschermingsdienst tegen Luchtaanvallen, een organisatie die zorg droeg voor de schuilkelders, bepaalde wie naar welke kelder moest bij bombardementen en mensen ernaartoe begeleidde.
Ondertussen was grootvader Louis echter ook heimelijk in het verzet beland. Zijn taken als blokverantwoordelijke gaven hem de kans om overal rond te lopen, en dus ook te spioneren. Zelfs zijn werk als schaliedekker kwam van pas. Zo moest Vits een bliksemafleider bouwen op een kasteeltje in Merelbeke. Die werd tegelijk een antenne om berichten mee naar Engeland te sturen, bijvoorbeeld over het komen en gaan van treinen op het rangeerterrein van Merelbeke.
Tegelijk was het politieke beest in hem nog niet dood. Vits bleef graag zijn mening zeggen. Bijvoorbeeld tegen de Ledebergse oorlogsburgemeester, Leon De Smaele. Die had net als hij in de loopgraven gevochten tijdens de Eerste Wereldoorlog. Vits gooit hem meer dan eens in het gezicht dat hij niet kan begrijpen dat De Smaele desondanks met de Duitsers collaboreert.
Eind juli 1941 ging Vits te ver in zijn openlijke anti-Duitsheid. Bij een betoging van de Ledebergse bevolking tegen de zware hongersnood, deelde hij stukjes Belgische vlag uit. Daarop raakte hij in een zware discussie verwikkeld met een lid van de Zwarte Brigade, de organisatie van nazigezinde militanten binnen het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV).
De dag erna stonden de Duitsers aan zijn woning. “Du Vits?”, vragen ze als zoon Gerard de deur opent. “Ja”, zegt die. “Mitkommen.” De jongen was compleet onschuldig, dus ’s avonds ging Louis Vits zichzelf gaan aangeven.
Vits bleef tot 20 augustus 1941 in de Nieuwewandeling en verhuisde dan naar Fort Breendonk. Nog geen jaar na zijn arrestatie, ziek en mishandeld, stierf hij uiteindelijk op 2 juli 1942 in Neuengamme, het concentratiekamp voor politieke gevangenen nabij Hamburg.
Hier herdacht
Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail