Arthur Mendel werd op 14 mei 1901 in Halle an der Saale geboren als oudste zoon van Max Mendel en Toni Herzfeld; zijn moeder stierf kort na zijn geboorte. Het gezin woonde aan de Landwehrstraße 23, later aan de Riebeckplatz 8. Arthur werkte als boekhandelaar/bibliothecaris en had een grote interesse in genealogie. Na de novemberpogrom van 1938 werd hij gearresteerd en naar Buchenwald gestuurd. In januari 1939 werd hij vrijgelaten op voorwaarde dat hij Duitsland zou verlaten; met hulp van zijn broer Hans vluchtte hij naar Nederland. Hij woonde in Westerbork, waar hij later trouwde met dr. Irma Weinberg. Op 4 september 1944 werden beiden gedeporteerd naar Theresienstadt; Arthur werd op 29 september 1944 doorgestuurd naar Auschwitz, zijn laatste gedocumenteerde spoor. Hij werd vermoord in Auschwitz. Zijn vader Max stierf in Theresienstadt; Hans overleefde ondergedoken in Amsterdam en Karola emigreerde naar New York.