In Amerongen verwelkomde de burgemeester op 7 mei samen met de juichende menigte de geallieerden. Het vreemde was dat er op dat moment nog steeds gewapende Duitse soldaten in het dorp aanwezig waren. Ze stonden op ongeveer vijftig meter afstand van het gemeentehuis, waar de burgemeester en zijn gezin op de trappen stonden. Een aantal Britse soldaten bleef achter om de bevolking te beschermen terwijl de geallieerden verder trokken. De leden van de BS mochten naar huis, maar mochten niet in groepen over straat lopen. Een aantal SS'ers kwam uit het nabijgelegen bos tevoorschijn en begaf zich naar het centrum van Amerongen. Daar kwamen ze twee gewapende BS-leden tegen en schoten een van hen in de rug. De vrouw van de burgemeester zag het lichaam toen ze na de bevrijdingsfeesten met haar man naar huis liep. Ze sloeg alarm, en zo kwam de BS erachter dat er iemand was gedood, nadat ze de geallieerden al hadden verwelkomd. De negentienjarige Henk van den Ham bleef dood achter nadat hij door een SS-soldaat in de rug was geschoten.