Boticellistraat 12 Amsterdam
Op dit adres woonde Arthur Frankfurther die Hanna en Werner-Ludolf Grünbaum uitnodigde om naar Nederland te komen, maar die zelf al vertrokken was toen zij eindelijk in dit huis terecht kwamen. Arthur Frankfurther, geboren in Breslau in 1894, zoon van een Poolse vader en een Nederlandse moeder, is in 1916 als 21-jarige bankbediende naar Nederland gekomen aldus het Amsterdamse Vreemdelingenregister. Maar waarschijnlijk woonde hij er al eerder. Hij kreeg in 1918 de Nederlandse nationaliteit. In de loop der jaren klom hij op binnen de bankwereld. Toen hij hier woonde was hij directeur van de Amsterdamsche Credietmaatschappij. Arthur trouwde in 1931 met de Duitse Erika Brandt. Zij kregen één zoon, Paul Arthur Frankfurther, geboren in 1932. In 1939 slagen Arthur en Erika er in de moeder en grootmoeder van Erika naar Amsterdam te halen. Erika’s moeder was Elsa Brandt-Schiff, geboren in Kassel in 1891 en haar grootmoeder was Regina Deborah Schiff-Japhet, in 1861 geboren in Kassel. Beiden kwamen in de Botticellistraat bij het gezin Frankfurther in huis wonen. Begin 1940 vertrokken Arthur en Erika Frankfurther met zoon Paul echter naar Medan in Nederlands-Indië. De vrouwen blijven achter in de Botticellistraat. Elsa overleed in november 1941 59-jarige leeftijd, misschien was ze al ziek en konden ze daarom niet mee naar Indië. In 1942 kwam een in Nederland geboren en getogen 45-jarige neef, Frans Schiff, directeur van een linoleumfabriek, bij de 80-jarige Regina inwonen. Hij was gemengd gehuwd, maar mocht als Jood waarschijnlijk niet in zijn villa in Zandvoort blijven wonen. Zijn vrouw bleef er wel. Begin 1939 kwamen Hanna en Werner-Ludolf Grünbaum uit Eisenach met een kindertransport in Nederland, resp.16 en 15 jaar oud. Arthur Frankfurther had hen uitgenodigd. De Grünbaums waren verwant aan Erika Brandt. Het idee was dat hun ouders ook zouden overkomen en dat zij gezamenlijk naar de VS zouden emigreren. Maar dat lukte helemaal niet. Hun vader was eigenaar van een chemische fabriek in Eisenach. Hij zat, toen de kinderen vertrokken, in concentratiekamp Buchenwald. De moeder was nog vrij maar kwam niet mee naar Nederland. Zoals alle kinderen die met de Kindertransporten naar Nederland kwamen, mochten Hanna en Werner-Ludolf van de Nederlandse overheid niet bij particulieren wonen, zelfs niet als die familie waren. Ze verbleven eerst op het Quarantaine-terrein in Rotterdam en daarna in verschillende tehuizen. Hanna werkte er als hulp in de huishouding. Werner kwam op een gegeven moment in het Werkdorp Wieringen terecht. Na de opheffing van het Werkdorp in de zomer van 1941 kwam hij bij Regina Schiff-Japhet wonen, Hanna was er al wat eerder. Het gezin Frankfurther was toen al weg. Hanna en Werner Grünbaum kregen in juli 1942 een oproep voor werk in Duitsland. Dat was de eerste lichting oproepen, waarvan er ook één bij Anne Franks zus Margot aankwam. Voor het gezin Frank was dat het moment om onder te duiken, maar Hanna en Werner hadden geen volwassenen die dat voor hen regelden. Zij meldden zich op het Centraal Station met hun rugzakken voor de trein naar Westerbork. Vandaar gingen ze op 15 juli 1942 'op transport' met de allereerste trein die uit Hooghalen, vlakbij Westerbork, vertrok naar Auschwitz. Beiden werden daar op 30 september 1942 vermoord. Hun ouders waren op 10 mei 1942 gedeporteerd naar Belzyce in Polen en daar omgekomen. Regina bleef met haar neef Frans achter totdat zij in maart 1943 van huis werd gehaald. In november 1943 werd zij van Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd en daar bij aankomst vermoord. Het huis werd in juni 1943 in de krant te huur aangeboden. Frans Schiff bleef er ingeschreven, dus hij zal vermoedelijk ondergedoken zijn, wie onderdook meldde zich niet netjes af bij het Bevolkingsregister en bleef dus gewoon ingeschreven staan. In augustus 1944 kwam Frans in de strafbarak van Westerbork terecht. Hij moet enorm geluk gehad hebben, want hij is niet gedeporteerd maar op 12 april 1945 in Westerbork bevrijd. Na de bevrijding werd Frans Schiff weer ingeschreven op zijn oude adres in Zandvoort waar hij in 1972 overleed. Zijn vrouw en hij hadden geen kinderen. Na de oorlog kwam het gezin Frankfurther in Nederland terug, in Indië waren ze geïnterneerd geweest. Ze kwamen echter niet meer in de Botticellistraat wonen.
Hier herdacht Hanna Grünbaum 1922 – 1942 Werner Ludolf Grünbaum 1923 – 1942 Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail