Diezestraat 12 Amsterdam
De speech bij de onthulling: Abraham de Vries was geboren in 1860 als vijfde in een gezin van 7 kinderen. Bij zijn keuring voor militaire dienst was hij slagersknecht, en 1.63 lang. Hij was al 30 jaar oud toen hij trouwde met Sara Kalf in Kampen, waar zij geboren en getogen was. Abraham had in de tussentijd een flinke carrièreswitch gemaakt want hij was commissionair in diamanten. (Dat is iemand die als tussenpersoon koopt of verkoopt.) Abraham en Sara woonden in Amsterdam, in de Kerkstraat, op de Nieuwe Keizersgracht, op diverse adressen in de Pijp en kwamen via de Talmastraat in het Amsterdamse School buurt in de Zuid Pijp in 1935 in de Diezestraat 12-1 wonen. De straat was sedert 1929 bewoond. Abraham kwam hier wonen met Sara en hun beide dochters , Leentje of wel Lena die in 1898 geboren was en ‘japonnenknipster’ van beroep was en Julie uit 1907 die handwerkster in de confectie was. Beide vrouwen hadden eerst als kantoorbediende gewerkt, misschien waren de latere beroepen wel uit nood geboren. Hun zoon Nathan, die Nico genoemd werd was toen al uit huis en getrouwd. In 1925 was de kleine Abraham geboren, het enige kleinkind van Abraham en Sara. Helaas woonde die met zijn ouders in Eindhoven dus ze hebben hem misschien niet veel gezien. Begin 1940 stierf Sara, toen 70 jaar. Ze werd begraven op Muiderberg. Wel op de Joodse begraafplaats dus, maar de familie lijkt verder niet heel erg religieus geweest te zijn. Abraham en zijn dochters zijn niet ondergedoken. Ze zijn één voor één opgepakt en gedeporteerd. Julie, de jongste, werd het eerst opgeroepen of opgehaald, in februari 1943. Na een maand in Kamp Vught kwam ze in Westerbork terecht en een week later werd ze doorgestuurd naar Sobibor waar ze direct werd vermoord. Lena doorliep twee maanden later hetzelfde traject: een maand Vught, maar daarna met het zogenaamde Kindertransport van 6 juni 1943 uit Vught langs Westerbork direct door naar Sobibor. En de vader, Abraham, die zijn 83ste verjaardag op 30 juni 1943 in zijn eentje in dit huis moet hebben doorgebracht, werd op 14 augustus 1943 in Westerbork opgesloten en tien dagen later doorgestuurd naar Auschwitz. Nico, Sophie en hun zoon Abraham doken wel onder. De 17-jarige Abraham werd als eerste opgepakt, in 1943, zijn ouders een half jaar later in 1944. Zo was het hele gezin van Abraham en Sara uitgeroeid. Gelukkig waren er een paar kinderen van zijn broer Samuel de Vries die de oorlog wel overleefden, zodat vandaag David de Vries, een kleinzoon van Samuel en dus een achterachterneef van Abraham bij ons kan zijn.
Hier herdacht Abraham de Vries 1860 – 1943 Leentje de Vries 1898 – 1943 Julie de Vries 1907 – 1943 Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail