Emma Marie Zeehandelaar werd op 28 mei 1907 in Amsterdam geboren. Ze is correspondent van beroep en brengt veel tijd in het buitenland door. Op 4 juni 1930 trouwt ze met Johannes Swart, werktuigbouwkundig ingenieur. Ze krijgen twee zonen: Johannes Frans Age Swart, geboren op 3 juli 1932 in Eindhoven, en Robert Willem Swart, geboren op 13 december 1933 in Amsterdam. Op 3 mei 1934 wordt het huwelijk tussen Johannes Swart en Emma Marie Zeehandelaar ontbonden. Emma Marie's moeder, Rosette Margaretha Louise Zeehandelaar-Reens, werd op 8 december 1875 in Nijmegen geboren. Op 9 april 1904 trouwde ze met Israel Zeehandelaar, een arts. Hij overleed in 1932 in Amsterdam. Daarna woont Rosetta Zeehandelaar bij haar dochter in Eindhoven. De oudere zus van Emma Marie Zeehandelaar, Henriette, trouwde in 1935 met Jacob Sack, geboren op 6 oktober 1902 in Gomel. Henriette overleed op 19 september 1939. Jacob Sack kreeg vervolgens een relatie met de jongere zus, Emma. Over hun relatie schrijft Jacob Sack: "In normale tijden zouden Emma en ik trouwen." Op 14 mei 1940 probeerden de drie volwassenen en de twee jongens per boot naar Engeland te vluchten, maar dat mislukte. Omdat ze wisten hoe moeilijk het voor hen in Nederland zou worden, besloten de drie volwassenen een einde aan hun leven te maken en de twee jongens van 6 en 7 jaar mee de dood in te nemen. Op dat moment verbleven ze alle vijf in het gastenverblijf van Hanna de Paauw aan de Acacialaan 13 in Wassenaar. Volgens het politierapport werden Emma Zeehandelaar, Rosette Zeehandelaar-Reens en de twee jongens, Johannes Frans en Robert Willem, op 16 mei 1940 door gasvergiftiging om het leven gebracht. Jacob Sack verkeert in levensgevaar en wordt naar het ziekenhuis gebracht. Daar overlijdt hij op 17 mei 1940 aan de gevolgen van de gasvergiftiging. Jacob Sack schreef op 15 mei een afscheidsbrief aan zijn ouders en zussen, die sinds 1938 in Tel Aviv wonen. De brief is nooit door zijn ouders ontvangen. In de brief legt hij hun besluit om voor de dood te kiezen uit: "De Duitsers zijn hier en we kennen allemaal geen andere oplossing dan er een einde aan te maken." Aan het einde van de brief schrijft Emma Marie Zeehandelaar: "Soms is het moeilijker om te leven dan om te sterven. Zo is het nu."