Duvenvoordestraat 56 Haarlem
Eliazer Koster was de één na jongste in een Amsterdams gezin met vijf kinderen, van wie één als baby gestorven was. Op 17 augustus 1921 trouwde hij met Sara Keizer. Hij was toen werkzaam als remmer bij de Nederlandse Spoorwegen. Eliazer en Sara scheidden zes jaar later. Op 5 november 1930 trouwde Eliazer met Judith Velleman, die werkte als verkoopster. Vanaf 1932 leefden Eliazer en Judith in Haarlem. De eerste jaren woonden zij op verschillende andere adressen en vanaf 1939 in de Duvenvoordestraat 56. Eliazer werkte als nachtwaker van de synagoge van de Nederlands Israëlitische Gemeente Haarlem. Deze synagoge bevond zich aan de Lange Begijnestraat, waar nu de Toneelschuur staat. Op 31 januari 1934 werd hun dochter Vera geboren. Toen de anti-Joodse maatregelen begonnen, zochten haar ouders een onderduikadres voor haar, eerst in Haarlem en later, toen het adres in Haarlem niet veilig meer was, werd zij elders ondergebracht. Vera heeft op veel verschillende adressen ondergedoken gezeten en uiteindelijk in Zaandam de bevrijding meegemaakt. Eliazer en Judith hebben geprobeerd om ook zelf onder te duiken. Ze zijn echter opgepakt en op 20 mei 1944 naar Westerbork gedeporteerd, waar ze in barak 67, de strafbarak, terecht kwamen. Op 31 juli 1944 zijn zij op transport gezet naar Bergen-Belsen. Vandaaruit is Eliazer op 4 december 1944 op transport gesteld naar kamp Sachsenhausen (Oranienburg), waar hij korte tijd gevangen zat. Op 31 mei 1945, een paar weken na de bevrijding van het kamp, is hij in Bergen-Belsen bezweken, waarschijnlijk door ziekte, ondervoeding en uitputting.
Hier herdacht Eliazer Koster 1897 – 1945 Judith Koster-Velleman 1896 – 1944 Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail