Koos Gerrit Dikkers, een 23-jarige Nederlandse verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij werd geboren in 1922, raakte betrokken bij verzetsactiviteiten en dook uiteindelijk onder op de boerderij van Gerrit Slagman, waar hij steun en bescherming vond. Onderduiken betekende echter dat hij zijn persoonlijke vrijheid moest opgeven, omdat anderen moesten beslissen over zijn bewegingen en handelingen.
Op 14 oktober 1944 voerden Duitse troepen en collaborateurs een gewelddadige inval uit op de boerderij. De aanval ging gepaard met wreedheden en brandstichting, en Koos werd samen met anderen gearresteerd. Dit markeerde het begin van een lange periode van lijden. Hij werd eerst naar Deventer gebracht en later opgesloten in de Kruisberg-gevangenis in Doetinchem, waar de omstandigheden extreem zwaar waren. De cellen waren overbevolkt, er was een tekort aan voedsel en gevangenen werden gemarteld, waardoor er een voortdurende sfeer van angst en pijn heerste.
In februari 1945 werd Koos samen met andere gevangenen gedeporteerd naar het concentratiekamp Neuengamme in Duitsland. Het transport zelf was gevaarlijk, hoewel sommige gevangenen wisten te ontsnappen. Bij aankomst kreeg Koos een kampnummer toegewezen en werd hij al snel gedwongen tot zware arbeid. Hij werd overgebracht naar het subkamp Wöbbelin, waar gevangenen een kamp moesten bouwen in moerassige omstandigheden. De situatie daar was rampzalig: er waren geen fatsoenlijke voorzieningen, bijna geen voedsel, en veel gevangenen stierven door uitputting, honger en ziekte.
Koos Gerrit Dikkers stierf in Wöbbelin op 13 maart 1945.