Jaap van Leeuwenlaan
Nijmegen
Dit is het verhaal van Eduard Grödel, ook bekend als Edy, een jongen geboren in Rotterdam in 1928. Zijn leven nam een tragische wending tijdens de Tweede Wereldoorlog, en het verhaal begint op 17 november 1942.
Edy werd op die dag, tijdens een razzia in Nijmegen, uit het internaat waar hij verbleef gehaald. Deze razzia werd georganiseerd door Anton van Dijk, hoofdcommissaris van politie in Nijmegen, samen met SS-Obersturmführer Karl Herfurth en NSB-arts Feikema. Van Dijk speelde een prominente rol bij de vervolging van Joodse inwoners en was betrokken bij de arrestatie van Edy.
Edy, die op jonge leeftijd al te maken had met fysieke en mentale problemen, was in 1936 opgenomen in het Paedologisch Instituut St. Joseph in Ubbergen. Zijn observatie duurde langer dan verwacht, en hij verbleef uiteindelijk 4½ jaar in het instituut, verbonden aan de St. Maartenskliniek en de Katholieke Universiteit.
Zijn ouders, Karl en Else Grödel, waren Joods, en het gezin had connecties met andere Joodse families in Nederland. In 1938 verkregen zij de Nederlandse nationaliteit. Edy's leven nam een nieuwe wending in 1941 toen hij werd overgeplaatst naar het Instituut Jonkerbosch in Nijmegen, dat gericht was op de opleiding van debiele jongens.
Op 17 november 1942 werd Edy uit Jonkerbosch gehaald en overgebracht naar Kamp Westerbork. Uiteindelijk belandde hij in Sobibor, waar hij op 21 mei 1943 werd vermoord. Tegelijkertijd kwam het lot van Anton van Dijk ten einde; kort na Edy's dood werd Van Dijk neergeschoten in Nijmegen en overleed aan zijn verwondingen.
Dit verhaal werpt licht op de tragische gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog, waarbij de levens van Edy Grödel en Anton van Dijk op onherroepelijke wijze met elkaar verweven raakten. Het herinnert ons aan de menselijke tragedies achter de historische feiten en aan de moedige beslissingen die genomen werden, zelfs onder de meest moeilijke omstandigheden.
Hier herdacht
Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail