Grotestraat 156 Almelo
Manus Minco (ook geschreven als Menco en als Menko) was getrouwd met Sibille Hedeman uit Ootmarsum. Zij kregen vijf kinderen, onder wie Carel Hyman en Maurits. Manus Minco stichtte in 1885 een textielzaak aan de Denekamperstraat in Ootmarsum, waar hij met zijn gezin woonde. Het was een bloeiende zaak in dames- en herenkleding. In 1896 verhuisde het gezin naar de Marktstraat, in het witte pand dat als het Cremerhuis bekend staat. In de periode 1914-1917 verlieten de drie oudste kinderen het ouderlijk huis. Carel Hijman Minco werd kleermaker. Manus Minco verhuisde in 1918 met zijn vrouw en de jongste twee zonen (waaronder Maurits) naar de Grotestraat 156 in Almelo, waar hij een textielzaak annex kleermakerij vestigde. Toen Manus Minco stopte met de zaak, volgde zijn zoon Maurits hem op. Maurits meende dat het Rooms Katholiek Ziekenhuis een veilige onderkomen zou bieden voor zijn vader Manus. Hij werd echter uit het ziekenhuis gehaald en naar Sobibor op transport gesteld. Sophia Nathans was een dochter van Simon Nathans en Betje de Jong. Zij trouwde op 28 Juli 1920 in Groningen met Maurits Minco, een zoon van Manus Minco en Sebilla Hedeman. Sophia en Maurits kregen zes kinderen waarvan twee kinderen de Holocaust hebben overleefd. Zij waren voor de onderduik elders ondergebracht dan hun ouders en broertjes en zusje. Sophia, haar man Maurits, dochter Stella en haar zonen Sallo, Simon en Nico waren nabij Ootmarsum ondergedoken maar door verraad op 6 October 1944 gepakt. Volgens aantekeningen op haar kaart uit het archief van de Joodse Raad werden Sophia en haar dochter Stella naar het vliegveld bij Enschede gebracht en vandaar naar nazi-Duitsland afgevoerd, waar zij ergens in Midden Europa tijdens de Sjoa om het leven zijn gekomen. Haar man Maurits en haar drie zonen Sallo, Simon en Nico zijn op 7 October 1944 even buiten de plaats door een groep SD'ers doodgeschoten. Sophia's ouders hadden in totaal acht kinderen. Dat waren Aaltje, Nathan, Salomon David, Klara, Eva, David Simon, Anna en Sophia zelf. Alleen haar broer Nathan stierf op tamelijk jonge leeftijd, hij overleed in 1913, 27 jaar oud. Alle andere broers en zusters van Sophia werden ook in de Sjoa vermoord.
Hier herdacht Manus Minco 1863 – 1943 Maurits Minco 1895 – 1944 Sophia Minco-Nathans 1891 – 1944 Nico Minco 1927 – 1944 Simon Nathan Minco 1926 – 1944 Salomon Elias Minco 1926 – 1944 Estella Rosetta Minco 1927 – 1944 Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail