Rijnstraat 217 Amsterdam
Na hun huwelijk woonden Sophia en Jakob in Amsterdam, eerst in Laing‘s Nekstraat 10, daarna in de Swammerdamstraat 5 en vanaf 1930 in de Rijnstraat 217 II. Sophia’s echtgenoot Jakob was bankbediende bij de Amsterdamse Bank in de Sarphatistraat, waar hij opklom tot procuratiehouder. Ook de beide dochters van Fie en Jacques werkten na hun schoolopleiding als kantoorbediende op de bank bij hun vader. Bekend is dat Esther (Elly) en Lena in Juli 1942 werden opgeroepen voor de zogenaamde “werkverruiming in Duitsland”. Zij zouden op 27/28 Juli op transport gaan naar Auschwitz, echter hun ouders, Fie en Jacques hebben zich bij hun dochters gevoegd, zonder daarvoor te zijn opgeroepen. Mogelijk daardoor zijn Elly en Lena in eerste instantie vrijgesteld van het transport van 27/28 Juli, maar vervolgens werd het hele gezin op 10 Augustus 1942 vanuit Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd. Bij aankomst in Auschwitz op 13 Augustus 1942, werden de gedeporteerden, waaronder Jakob, zijn vrouw Sophie en beide dochters Esther en Lena, geselecteerd om dwangarbeid te verrichten, in- of buiten het kamp. Wanneer elk van hen en waar precies om het leven is gekomen is echter niet bekend. Daarom zijn voor hen na de oorlog op last van het Ministerie van Justitie door de gemeente Amsterdam overlijdensaktes opgemaakt, waarin is vastgesteld dat Jakob Levitus, Sophia Levitus-Barend, Esther Levitus en Lena Levitus op 30 September 1942 in Auschwitz om het leven zijn gekomen.
Hier herdacht Sophia Levitus-Barend 1897 – 1942 Jakob Levitus 1896 – 1942 Esther Levitus 1921 – 1942 Lena Levitus 1923 – 1942 Is een steen hier beschadigd of weg? Laat het ons weten per e-mail