De familie Van Straten-Andriesse, afkomstig uit Rumpt, werd tijdens de Tweede Wereldoorlog geconfronteerd met onvoorstelbare ontberingen. Louis van Straten en Catharina Andriesse, beiden leden van de Joodse gemeenschap, zochten waarschijnlijk onderduikplaats maar werden uiteindelijk verraden. Louis, die sinds 1917 slager was en sinds 1917 voorzitter was van de Joodse gemeenschap Rumpt-Beesd, werd op 9 april 1943 gedeporteerd naar het concentratiekamp Vught. Volgens gegevens van de Joodse Raad is hij tijdelijk vrijgelaten uit Vught. Zijn gratie was echter van korte duur, omdat hij later op 9 november 1943 werd vastgehouden in strafkazerne 67 in Westerbork.
Op 16 november 1943 werden Louis en Catharina als gevangenen naar Auschwitz vervoerd. Tragisch genoeg werden ze bij hun aankomst op 19 november geëxecuteerd.